’t Europapa der Volkeren

Manifest van een onbeduidende zanger

In tijden van oorlog kent men zijn vrienden. Als het spant om de kroon is een bloedbad nabij. En dan bestaan er twee menselijke reacties. Men trapt mee in de val, een verhaal van haat, en kiest manifest kant. Van gewone man in de straat in korte tijd tot monstertje. Het proces is stilaan genoegzaam bekend: ontmenselijking. Helaas zien we het overal rondom ons en niet alleen in het buitenland. Lees er de retoriek over dé moslims, dé zionisten, dé rijke bazen, dé werkloze profiteurs en zelfs hét onderwijs er maar eens op na. Ontluisterend. Het verhaal van twist en frictie is succesvol in het stembureau. Divide et impera. Latijn is in de mode. Ik wil het ook eventjes over de andere menselijke reactie hebben: angst in de keel krijgen, het nog moeilijk durven verwoorden maar resoluut kiezen voor het goede, namelijk mensen helpen, dicht bij de familie en de buren staan wie of wat ze ook zijn, positief trachten vooruit te denken en de ontmenselijking stilletjes, bijna onopvallend, tegengaan: gedichten schrijvend, zingend, creatieve antwoorden verzinnend, via een vertrouwelijk gesprek, sussend, soms eens tegengas gevend, veelbetekenende stiltes latend in de hoop dat de waarschuwende kreet gehoord wordt. Wie mee in de val is getrapt, heeft er zelfs een woord voor uitgevonden: deugpronkers zijn het. Ze zeggen het er niet bij maar ze vinden ‘ons’, ik ben er één van, lafbekken. Linkse ratten ook wel, iedereen die niet mee surft in de retoriek van ontmenselijking is zogezegd links. Terwijl ik, onbeduidende zanger, die schreeuwers tegen dé rijke bazen en hét kapitaal ook wel flink vervelende dissonanten op straat durf te vinden. Oh ja, die zijn dan extreemlinks. Vermoeiend allemaal, niet? Geeuw. Ben ik zelf links? Ik weet het niet. Ik denk het eigenlijk niet. Ik noem mezelf Vlaamsgezind en gematigd progressief, ik vind dat liberalisme écht over vrijheid moet gaan, in wederzijds respect en ethisch heel ‘open’ mag zijn. Dat sociale democratie niet mag vergeten om écht sociaal en vergevingsgezind te zijn. Dat minderbedeelden en zwakkeren in de maatschappij moeten beschermd worden, mededogen moet kunnen. Dat kunst en cultuur als eten en drinken moeten zijn. En, bovendien geloof ik heel sterk dat het Europa der Volkeren, niet ‘der Staten’, de weg is die we sinds de Eerste Wereldoorlog met vallen en opstaan aan het bewandelen zijn en dat ’t Europapa der Volkeren, op termijn, de enige vredevolle toekomst zal bieden in het gebied tussen Lissabon en Vladivostok. Dáár wou ik het in deze tekst even over hebben. Even geduld.

Over identiteit

Ik heb net het boek ‘Joegoslavië’ van Johan de Boose achter de kiezen. Een boek dat in een rijtje past met ‘In Europa’ van Geert Mak, ‘Congo’ en ‘Revolusi’ van David Van Reybrouck, ‘De omweg naar Santiago’ van Cees Nooteboom. Een reis door de geschiedenis en hoofden van volkeren. ‘Kroniek van zes of zeven landen’, heet het in de ondertitel en we krijgen het tragische maar ook mooie verhaal van de Balkan verteld. De wereld tussen Wenen en Thessaloniki. Een wereld van katholieken, orthodoxen, sefardische joden en een wel heel Europese islam. Een tikkende tijdbom. Maar ook een land van muziek, cinema en liefde. Van prachtige natuur, bergen, sprookjeskastelen, kruistochten, kerken, Ottomanen en moskeeën. Een land vol kapotgeschoten dromen en sluimerende onvrede. Eén lucifer en we staan weer waar we stonden. Knap hoe de schrijver het verwoordt en ons in die verschillende stemmingen meeneemt tot we op het einde van het boek alleen maar kunnen concluderen: kom toch eens eindelijk overeen. Ik denk uitgesproken identiair. Het is te zeggen: de identiteit van mensen is precair en moet met uitermate veel zorg worden behandeld. Ik was laatst met schoolkameraden op bezoek bij een bevriende Vlaamse tandarts die al vele jaren in Baskenland werkt en leeft. En ik besefte daar hoe belangrijk de Baskische identiteit is in dat deel van het Iberische schiereiland en in de buurt van de Pyreneeën. Hoe oud die mysterieuze taal is en hoe diep die cultuur er in de harten van de mensen leeft. De eerste Baskische geschriften dateren van de tweede eeuw na Christus, het Nederlands gaat zelfs niet zo ver terug. Ik leerde er oprecht meer over mijn Vlaming-zijn. Maar vooral over de verschillende identiteiten die één mens en één gemeenschap kan herbergen. Voor mijn Vlaamse vriend in Baskenland: tandarts, vader, echtgenoot, autoliefhebber, Vlaming, Bask, Spanjaard, Belg, reiziger, Europeaan ook. Dat zijn er maar enkele die ik zo voor de vuist kan opnoemen. Voor mezelf: Meetjeslander in de eerste plaats, Sleidingenaar die in Eeklo woont, Vlaming, héél overtuigd zelfs, maar ook Belg met voorliefde voor de Franse taal ter gelijker tijd, hispanofiel, hetero maar openminded, rock ‘n’ roll-zanger, erfgoedenthousiasteling, katholiek opgevoed, Nederlander… Dat laatste. Ik verwoord het vaak zo wanneer ik met niet-Belgen hierover praat: mijn taalkundige hoofdstad is Amsterdam, mijn gastronomische hoofdstad is Brussel en mijn hartstocht voor alles wat mooie is, lonkt richting Londen en Parijs. Door de nabijheid van Zeeuws-Vlaanderen op het plekje waar ik woon, voel ik me soms ontzettend Nederlands. Ik twijfel af en toe zelfs tussen Oranje en de Rode Duivels. Maar van de Gantoise weet ik het wel zeker, ik ben een Buffalo. Zie je? 

Als ik de kwestie Wallonië, Brussel en Vlaanderen begin te expliqueren en ik haal er ook nog eens de Duitstalige gemeenschap in de Oostkantons bij, dan haakt de gemiddelde Duitser, Brit of Fransman meteen af. Dat geldt zo ook in Baskenland: ik begrijp het daar ook niet. En wat het boek ‘Joegoslavië’ betreft. Ik heb ginderachter al veel gezien, ik was in Thessaloniki, stond er aan het huis van Atatürk, ik was in Servië, Kroatië, Slovenië, Montenegro, de drie Bosnische delen, Griekenland, Roemenië én Turkije, ik zag er alle monotheïstische godsdiensten op elkaars lip zitten en ik proefde in elk landsdeel van ex-Joegoslavië soms nostalgie naar de tijd van Tito. Wat een communistische dictator was, toch? Bizarre wereld. Ik kan er geen vinger op leggen. Helemaal niet eigenlijk. Het las allemaal verhelderend maar de slotsom blijft troebel. Alleen weet ik wel: het is, hoofd per hoofd, gemeenschap per gemeenschap, dorp per dorp, stad per stad, identiteit per identiteit, overtuiging per overtuiging, gevoel per gevoel, allemaal héél belangrijk. Identiteiten, daar moeten we zorg voor dragen. Dat maakt me identiairMulti-identiair eigenlijk. Multikul, hoor ik één of andere bittere in het ijle fulmineren. Ik schrijf het stilletjes: er bestaan geen eenvoudige oplossingen voor het maatschappelijk verantwoord omgaan met identiteiten. Maar de eigen identiteiten voor jezelf eens ontleden en afwegen tegenover jouw naasten, dat helpt wel. Het is een kluwen. Razend interessant.

Over grenzen

In de hogeschool in Kortrijk leerde de docent geschiedenis me dat grenzen ooit gevormd worden en als littekens, blijvende restanten, op de aardbol gegrift staan. Voor eeuwig, eens de grens getrokken. Zijn voorbeeld was ‘onze’ taalgrens die vastgelegd werd na de marsen op Brussel tijdens de jaren zestig maar eigenlijk dateren uit de Gallo-Romeinse periode toen het Latijn in het zuiden van Belgica een grotere invloed kon uitoefenen en de oorspronkelijke Oude Belgen hun taal behielden en taalkundig uiteindelijk enorm beïnvloed werden door binnenvallende Germaanse stammen. Die scheidslijn is er al die eeuwen geweest en vormt nog steeds een krijtlijn op de aardbol. Dat fenomeen zien we door alle tijdlijnen heen zich over de hele wereldbol verspreiden. Af en toe zorgen nietsontziende oorlogen ervoor dat een bepaalde cultuur in een bepaald grondgebied helemaal weggewist wordt. Dat fenomeen heet genocide en de beul Netanyahu zorgt er momenteel voor dat we dit, ontmenselijking in zijn wreedste vorm, live op TV kunnen meemaken. Geen fraai schouwspel. Er zijn tal van voorbeelden: het verdwijnen van hele Joodse gemeenschappen in Griekenland en Oost-Europa tijdens de Tweede Wereldoorlog, het Antwerpen en Amsterdam van toen, mag ik Armenië vernoemen begin twintigste eeuw, Rode Khmer, Rwanda, Srebrenica, Tsjetsjenië, de Oeigoeren, … Littekens. Het zijn niet de grenzen die littekens vormen, het zijn de mensen en gemeenschappen die op een bepaald moment ‘rationeel’ een tabula rasa willen organiseren en uit de getekende grenzen alles wegvagen wat hen vreemd is. Moordenaars. Misdadigers.

Grenzen zijn interessant. Grenzen zijn vaak moordwapens. Maar grenzen bieden kansen. Om efkens in België te blijven. Je kunt de taalgrens een strijdgrens noemen. En dat is het zeker. De taalstrijd in ons land is gelukkig nog vrij vredevol verlopen. De taalgrens is interessant. Ik vind plekken als Ronse, Voeren, Ath, Wervik en Moeskroen ook heel aantrekkelijk, precies omdat naast dat Vlaamse karakter ook die Franstalige zwier aanwezig is. In Doornik stond het eerste Vlaamse parlement! Frans-Vlaanderen is bekoorlijk, voor een Vlaming, net omdat daar eeuwenoude barsten aanwezig zijn die de Franse cultuur ‘verbinden’ met de Vlaamse. Die kwaliteit, zo durf ik het noemen, is ook bij uitstek aanwezig in Baskenland en op de Balkan. Eigenlijk in heel Europa, dat gebarsten ei, en wie goed observeert merkt het zelfs in het ‘unitaire’ Frankrijk en Duitsland. Uitgesproken zelfs. Over Baskenland gesproken, ook de grote natiestaat Spanje tracht unitair te zijn. Maar de Castilianen ontkomen er niet aan de zwier en wil van de Catalanen, dat strenge Baskische, dat schone Galicische, Asturias, dat ‘andere’ Valencia en het Zuidelijke Andalusië dat ondanks lang vervlogen genocide en ontmenselijking eigenlijk nooit haar Moorse roots is kwijtgeraakt, de Canarische Eilanden, de Balearen. Name it. Je komt in Madrid en al die werelden komen daar samen. Same in Brussels. Parijs, Londen, Berlijn, Amsterdam… Waar grenzen zijn, liggen er opportuniteiten. Zorg dat verschillende identiteiten, vaak te vinden in één persoon, één dorp, één streek, ruimte krijgen. Op dat moment wordt een grens een zegen, en geen vloek. En met de vloek, die bijna elke grens behekst hoe diep je ook in de geschiedenisboeken graaft, moeten we leren leven.

Over woke

Naadloos kan ik het over woke hebben. Het grote gevaar, schrijft een premier ergens. Ik kan hem geen ongelijk geven als het gaat over de voorbeelden die hij er dan bij sleurt. Radicalisme, ook wokisme, heeft een kantje waar bloed en machtswellust aan hangt. Aantrekkelijk voor dat ene deel van de bevolking dat graag meesurft op een retoriek van negativiteit en het beschimpen van anderen. Woke en populisme gaan hand in hand. Ze versterken elkaar. Maar eigenlijk gaat het hier over waakzaamheid en het bewaken van onze grenzen. Menselijke grenzen. Zorgen dat aan de grens geen dwaasheden gebeuren. Dat door gesprek en respectvol samenleven, komšiluk leerde ik in het boek Joegoslavië, kansen benut worden en niet verkwanseld worden om bepaalde machtsposities en -verhoudingen in leven te houden die op termijn niet in leven te houden zijn. Ik verwijs hierbij expliciet naar het Rusland van vandaag dat keihard op weg is om binnen enkele decennia, hopelijk binnen een zelfs nog kortere periode, van een Franco-regime (of erger) te evolueren naar een vrij land waar het goed toeven is, een land zoals Spanje momenteel is. Zijn er in het huidige Spanje geen problemen dan? Natuurlijk wel. Maar ik daag iedereen uit: kies tussen het Spanje van 1910, 1937, 1965, 1980 of de jaren 2000, en ga er eens wonen met de teletijdmachine van professor Barabas. De dood van Franco is amper 50 jaar geleden. Spanje is amper 40 jaar lid van Europa. Wat een verschil. Doe nu dezelfde oefening voor Polen, voor Roemenië, voor Tsjechië. Het bewaken van menselijke grenzen heeft daar een cruciale rol gespeeld. Evenwichten! Wij kunnen het ons als Belg echt niet meer permitteren om een Congolees te benoemen zoals we dat amper twintig jaar geleden deden, dat is misplaatst racisme, ongehoord. Niemand kan zich dat nog permitteren! Bescheidenheid is op zijn plaats. Wat het Belgische regime destijds stal en nu uitstalt in Tervuren, dat is op zijn minst gezegd te ziek voor woorden. Voel ik me daar persoonlijk verantwoordelijk voor? Neen. Ik voel persoonlijk ook geen schaamte over Godvergeten. De priesters op mijn school zijn van mijn pietje gebleven. Maar we moeten, als identiteit, deze kras op ‘onze’ ziel wel ‘opkuisen’ en zorgen dat we mensen met andere identiteiten of zeker mensen waarmee we identiteiten kruisen, bijvoorbeeld Congolese Vlamingen of Vlaamse Congolezen, eerlijk en oprecht onder ogen kunnen komen. Erkenning van wat is fout gelopen. Amnestie mag geen holle slogan zijn. Oprecht spijt betuigen, in overleg dingen terug geven die niet van ‘ons’ zijn, mogelijke oplossingen bieden waar wonden geslagen zijn. Sincere. Als dat dan woke is, tja… Ik noem het eerder een kwestie van beleefdheid en oprechte menselijkheid. Ik ben zo opgevoed.

Over welvaart

Dat brengt me bij de Europese Gedachte. Komšiluk. “Alle menschen werden brüder.” Dat is allerminst een naïeve gedachte. Wel integendeel: “It’s the economy, stupid!” Ik keer terug naar de Balkan. Albanië bloeit momenteel door toerisme. Mensen durven er opnieuw komen. De communisten hadden het land geïsoleerd en ze hebben er het armste gat van Europa van gemaakt. Ex-Joegoslavië heeft heel mijn jonge leven gebloed. Er is gemoord, gevochten, gestreden, onschuldig bloed gevloeid. Slovenië en Kroatië hebben zich heel snel op het Europese niveau van welvaart kunnen tillen. En ook Servië en Montenegro doen het momenteel zeker niet slecht. Dààr, in het hart van de Balkan, staan ze op een kruispunt. Het kruispunt waar heel onze wereld op staat. Het zal ook de oplossing voor de kwestie Oekraïne worden, uiteindelijk. Economie? Of oorlog? Handel? Of strijd? De Albanezen, de Serviers, de Kosovaren en de verschillende bevolkingsgroepen in Bosnië krijgen de unieke kans om als panjoegoslavische achtertuin van Europa te gaan bloeien en groeien. Zoals dat met Griekenland na de dictatuur der kolonels, Spanje na Franco, Portugal na Salazar, Polen na Jaruzelski en Roemenië na Ceaucescu is gebeurd. Ga de economie in die landen eens bekijken. Vergeet niet te vergelijken met de economie die er slechts enkele decennia terug heerste, de levensstandaard, de ruimtelijke kwaliteit, de rust, de vrede. It’s the economy, stupid. Op school leerde ik over een economie als concurrentiestrijd. Handel is oorlog. Donald Trump. En ja, onder zo’n model schuilt winstmarge. Wild kapitalisme. Veel geld voor enkele dikke buiken. Deugden voor enkelingen. Ik leerde economie ondertussen op een andere manier kennen. Rijker. Degelijker. Een Herman Schueremans die van rock ‘n’ roll en een klein optreden van Raymond van het Groenewoud tot een geldmachine ombouwde als Rock Werchter. Een feest voor iedereen waar ook de horeca van Haacht blij van wordt. Gents en Antwerps theater dat de wereld rondreist en enkele tientallen mensen tewerk stelt. Opera. Symfonische klassiek muziek. Dans! Dorpen die floreren, creatieve ondernemers die de top van de wereld vormen op het vlak van medicatie en technologie, een korte keten in het Meetjesland die bloeit en groeit. Door samenwerking, mijnheer en mevrouw. Dat brengt mij bij het verhaal van menselijke grenzen, van het erkennen van verschillende identiteiten die in onszelf leven, door historische blunders trachten recht te zetten, door onderling respect vooral, luisteren naar elkaar. Door dialoog en samenwerking wordt wel degelijk winst gemaakt: financieel maar vooral ook maatschappelijk. Gent tijdens de jaren zeventig bij vergaan van textielindustrie in de stad en het Gent van nu. Dat is een andere wereld. Gent is er op vooruit gegaan. Punt. ’t Europapa der volkeren, de Europese Gedachte, het vooruitgangsoptimisme, de eenheidsmunt en de vervagende grenzen. De breuklijnen van het gebroken ei én geweer zijn er nog steeds maar worden vager en interessanter. Historisch onderzoek waard, breuklijnen met economische  en creatievekansen, mogelijkheden tot interessante uitwisseling, brain connection instead of braindrain. Het heeft de generaties na de Tweede Wereldoorlog enorm geholpen. Erasmus, oecumene, interculturaliteit… Het bracht dit continent tot een welvaartsniveau dat tot nog toe ongekend was. Ook niet in het huidige Maleisië, by the way. Mag ik bij wijze van manifest een geheim verklappen? Er is geen derde weg. Er is alleen maar die weg. Zeg dat een onbeduidende zanger het gezegd heeft.

Schilderij van de Eeklose kunstenaar Norbert Feliers

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *