Hansje en Grietje bij de Habsburgers (Deel 1)
Het weggemoffelde piemeltje van Cupido in Dresden
In de Frauenkirche kon ik de tranen niet laten. Dresden, dat is collectief geheugen dat wenst vergeten te worden in onze contreien. Ik zie hier ook weinig Britten of Amerikanen door de straten flaneren. De schaamte voorbij, wellicht. Februari 1945, op een nutteloos moment met de Russen aan de voordeur en de nazi’s definitief uitgeteld: een brandende stad, vermoedelijk 25.000 burgerslachtoffers op één nacht. Niet het mooiste hoofdstuk van de Bevrijdingsdagen. Het naziregime definitief op de knieën en een verdeeld Duitsland dat pas in 1989 herenigd zal worden. Symbolisch moment tijdens ‘Die Wende’: Helmut Kohl spreekt zijn Oost-Duitse broeders toe, uitgerekend tussen de puinen van de Frauenkirche. We branden een kaarsje, we denken aan onze verloren geliefden en aan de slachtoffers van toen. Drooghouden is er niet bij.
Berggebied met beren
Vorig jaar gingen we op tocht met Napoleon na zijn terugtocht uit Elba. Diezelfde sloeber stond hier ook voor de poorten van Dresden en liep er zijn eerste grote nederlaag op. Waterloo zou hem definitief verbannen naar Sint-Helena. Ook tijdens onze zoektocht naar l’Empéreur kwamen we voortdurend De Habsburgers tegen. Eeuwenlang een stabiele kracht binnen Europa, onder druk door de Ottomanen in het zuiden en bevochten door Pruisen, Frankrijk, Rusland en Groot-Brittannië overal elders. Soms bondgenoot, soms vijand. Altijd aangetrouwd, altijd deel van het systeem, altijd Wenen, maar daarover later meer. We vertrekken aan De Bevende Hazelaar op de grens van Sleidinge met Waarschoot. En vanaf deze levensboom starten we onze Kruistocht richting Oosten: Eindhoven, Venlo, Duisburg, Roergebied, Essen, Dortmund, Soest, Kassel, Leipzig, Dresden. 800 km wisselende landschappen, dwars door de belangrijkste industriële kern van Europe en dwars door een berggebied met beren. Ach, Duitsland, waarom laten we jou zo vaak liggen. Weet je het zelf?
Mensheid?
Toen een zware periode op het werk kon afgesloten worden maar de zorgen en de druk vanuit ivoren torens niet, las ik in de reisbrochure over Dresden de romantitel Het Stenen Bruidsbed. Dit werk van een piepjonge Harry Mulisch eind de jaren vijftig stond in mijn humaniorajaren steevast op de literatuurlijst. Ik las, en verslond, in die dagen De Aanslag. Een werk van Mulisch dat ik wel drie keer heb gelezen en dat me ook filmisch deed duizelen. Het Stenen Bruidsbed was ik vergeten. De tand des tijds. Daarom nam ik het nu ter hand. Dresden was Mulisch’ Stenen Bruidsbed. De bombardier Norman Corinth die als tandarts naar het Dresden van de DDR terugkeert en er als een soort l’Etranger van Camus het hellevuur herbeleeft, Hitlers vernietigingskampen in de buurt bekritiseert maar zelf het schuldgevoel van beul niet kan ontlopen. Hoofdpersonage Norman Corinth, die als symbool van de Engelse en Amerikaanse wreedheid op het einde van de Tweede Wereldoorlog, zich medeverantwoordelijk mag voelen voor niets meer of niets minder dan de vernietiging van het Florence aan de Elbe. Mensheid, wo bist u denn geblieben? Verdun, Ieper, Rotterdam, Coventry, Oradour-sur-Glane, Warschau, Stalingrad, Rode Khmer, Rwanda, Boetsja, waarom?
Wezel
Je kunt Dresden niet bezoeken zonder hierbij stil te staan. Maar ook Die Wende is hier tastbaar. Ene Vladimir Poetin woonde hier jarenlang als agent van KGB. Hier moest de wezel uit Moskou afbollen omdat er barsten in de muur kwamen. En die schurk speelt ons nog parten. Ik voel het ‘ossies’ en ‘wessies’ wezen, het ‘BRD’ en ‘DDR’-team, in het Stadtmuseum maar ook in de bijzondere Passage Kunsthal waar Bart en Leen als Hansje en Grietje door flaneren. Een wijk vol grafitti en hippe winkeltjes, een uitgeleefd appartementsblok waar Duitse jongeren creatief mee aan de slag zijn gegaan en waar nieuw bloed, nieuw leven, als een fruitvlieg schwung geeft. Het Dresden van mensen op zoek, niet van barok, niet van bommen, niet van politieke omwentelingen tussen 1300 en 2026.
Winnetou
We slapen waar de Duitse schrijver Karl May zijn laatste levensjaren doorbracht, in Radebeul. De man die schreef over Winnetou en Old Shatterhand zonder dat hij de prairie daadwerkelijk aanschouwde. Een fantast, beetje mythomaan zelfs maar als verhalenverteller beïnvloedde hij duizenden kapoenen en deugnieten die zijn avonturen naspeelden als cowboyke en indiaan. Op die manier lepelde hij ons in dat een goed mens dat niet is op basis van de etnische groep waartoe men behoort, maar op basis van de morele keuzes die een individu maakt. Karl May creëerde een uitgesproken goede cowboy (Old Shatterhand) en een uitgesproken goede indiaan (Winnetou). Hun vijanden waren uitgesproken indiaanse klootzakken of uitgesproken witte smeerlappen met een cowboyhoed op. Hoe eenvoudig kan het zijn? Maar het leven is niet eenvoudig.
Tante Anna
We fietsen stroomafwaarts naar het noorden tot in Meissen waar niemand minder dan onze Willem van Oranje zijn vrouw Anna in het oudste kasteel van Duitsland heeft opgesloten tot ze anoniem is heengegaan. Ze werd ervan verdacht een affaire te hebben met een medestander van Willem. Wie ooit de VRT-serie over Willem van Oranje zag, weet dat Ome Willem ook niet vies was van een groen blaadje. Moraal van het verhaal? Er is er geen.
Nog één nacht in Dresden en vandaag passeerden we de heuvel waarop Villa San Remo staat waar Mulisch in 1956 resideerde en de basis legde voor zijn hoofdpersonage Norman Corinth. De plek neemt ook een hoofdrol op in het boek Het Stenen Bruidsbed. En vanaf de brug ‘Het Blauwe Wonder’ percipiëren wij een tiental villaatjes, of ‘maisons de plaisance’, tegen de noordelijke heuvel geplakt die aan de beschrijving van Mulisch zouden kunnen voldoen. Geen enkele gelijkt 100% op de foto van de villa in onze reisbrochure maar de boodschap is duidelijk. Het brandende Dresden vanaf deze heuvelrug moet onmiskenbaar veel indruk gemaakt hebben. De moordende nacht en de 1.300 bommen zullen nooit vergeten worden. En dat in de stad waar wij diezelfde namiddag ons in het paleis Zwinger, een soort Versailles, ons vergaapten aan Vermeer, Van Eyck en Rubens. Het brieflezend meisje bij het open raam, met de Cupido-figuur die slechts in 2021 opnieuw boven water omdat ergens in het Victoriaanse tijdperk een preutse tante het nodig gevonden had om het piemeltje van een liefdesengeltje te schrappen uit onze canon. De tijden veranderen niet.




Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!